D66 wil de aanslag op het partijkantoor graag vergeten, maar kan dat wel?

Het was ‘best ernstig’, zegt de moderator. We zijn vrijdagavond op de NDSM-werf in Amsterdam Noord, waar D66 bij elkaar komt voor de Nacht van Europa. Heel even gaat het over de aanslag op het partijkantoor van de avond ervoor. Het is nu tijd voor positiviteit, horen we de moderator zeggen. Hij draagt een EU-vlag als een soort cape, plus een blauwe hoed in dezelfde kleur. ‘Het kan wel’, scandeert de zaal. De stemming moet er duidelijk even inkomen, maar na drie keer oefenen klinkt het redelijk enthousiast.
De Amsterdamse wethouder Melanie van der Horst is langsgekomen om ons te onderwijzen over de geneugten van Europa, maar ook zij wil eerst even stilstaan bij de gebeurtenissen van donderdag. De aanslag laat zien dat er sprake is van ‘antidemocratisch gif’, zegt ze. De vuurwerkbom was duidelijk bedoeld om de partij te intimideren. Het beste antwoord daarop is deze avond, aldus de wethouder. De zaal begint spontaan te klappen, waarna Van der Horst verder praat over de ambities die haar partij met Europa heeft.
De hoofdspreker is Europarlementariër Gerben-Jan Gerbrandy. De aankleding van het podium is wat sober vandaag, zo merkt hij op. Dat heeft een reden: de spullen liggen op het partijkantoor en daar had men vandaag geen toegang toe. Ook hij wil niet te veel kwijt over de gebeurtenissen, maar er is materiële schade en bij de Jonge Democraten (JD) – de jongerenorganisatie van D66 – is men ‘zich rotgeschrokken’. Ten tijde van de aanslag was er een JD-bijeenkomst. Aanslag of niet, D66 zal de eigen idealen blijven uitdragen, aldus Gerbrandy.
Gerichte actie
Zo wil niemand er iets over zeggen, maar zegt iedereen toch iets. Een aanwezige herinnert zich de aanslag van een paar maanden geleden, toen er vernielingen werden aangericht. Velen waren dat alweer vergeten. Toen ging het om een uit de hand gelopen anti-asielzoekersdemonstratie. Je kon toen – misschien tegen beter weten in – denken dat de schade bij D66 toevallig was: als de hooligans een andere route hadden genomen was het niet gebeurd. Dit keer is er alle reden aan te nemen dat het geweld expliciet tegen D66 gericht was.
Een partijlid was donderdagavond op het partijkantoor en vertelt dat het goed is afgelopen, omdat de vuurwerkbom weliswaar naar binnen werd gegooid, maar door voorzorgsmaatregelen weinig schade aanrichtte. Er is desondanks overduidelijk brandgevaar geweest. De psychische schade onder de aanwezigen is onduidelijk: die blijkt vaak pas later, maar is niet ondenkbeeldig: houden politiek actieve jongeren – soms van een jaar of zestien – er rekening mee dat hun bijeenkomst kan worden verstoord door een vuurwerkbom?
D66 doet deze avond een poging zich niet te laten intimideren: er zijn praatjes van Europarlementariërs, er wordt gepraat over Europese visies en de leden doen een quiz alsof er allemaal niets aan de hand is. Maar is er wel wat aan de hand: politiek zou in een democratie geweldloos moeten zijn, maar dat idee blijkt in de praktijk naïef. Een lid vraagt zich af of ooit duidelijk wordt wat de achtergrond van de aanslag was: de dakloze die de bom wierp heeft dat misschien voor maar twee tientjes gedaan. Wie gaf hier opdracht toe?
Futiele kritiek
De invloed van deze aanslag is ook giftig voor het doen van verslag van zo’n avond: hoe kritisch kun je eigenlijk op D66 zijn, als dat een partij is die in ieder geval uit normale, democratisch gezinde mensen bestaat die geweld afwijzen? Kun je je niet beter richten op het echte kwaad, al is het niet duidelijk waar zich dat in dit geval precies bevindt? Alle kritiek op D66 lijkt opeens futiel, terwijl die juist heel erg nodig is in een tijd waarin de partij de grootste in de Tweede Kamer is en dus machtiger dan ooit.
We vieren Europa, horen we Gerbrandy zeggen. Hij noemt allemaal Europese verworvenheden. Ze kloppen allemaal: de EU speelt ontegenzeggelijk een rol op het gebied van vrede in Europa, waarborgt democratie, rechtsstaat en mensenrechten en kent economische voordelen. Europa was gebaseerd op vooruitdenken, stelt Gerbrandy, en dat moeten politici nu weer doen, juist in tijden van geopolitieke spanningen waarbij de EU vaak machteloos aan de zijlijn staat. Dat moet en kan anders.
Er moeten grenzen worden verlegd, denkt Gerbrandy. We horen dat het veto-recht van de lidstaten moet worden afgeschaft om de besluitvorming te vergemakkelijken en dat de EU serieus buitenlandbeleid moet gaan ontwikkelen. Europese defensie kan op steeds meer steun rekenen, zegt hij tevreden. Ook uitbreiding is logischer dan ooit: eerst wilden velen Oekraïne niet als EU-lid, nu heeft het land de sterkste krijgsmacht van Europa. Kunnen we nog wel zonder, vraagt Gerbrandy zich af.
Geen nuance
We zien hier het probleem van een EU-gezinde partij. Waar is de nuance? Dat de EU voordelen heeft is geen discussie en dat nieuwe taken soms meer dan noodzakelijk zijn eigenlijk ook. De vraag is natuurlijk of de EU ook nadelen heeft. Laten we er twee noemen.
Juist EU-gezinde partijen moeten durven zeggen wanneer Europese politiek slecht functioneert, maar de vraag is of D66-leden dat überhaupt door hebben. Bij de Europa-quiz aan het begin van de avond is er een vraag over trilogen: de eindfase van de onderhandelingen over nieuwe wetgeving, waarbij Europese instellingen achter gesloten deuren compromissen sluiten. Bij uitstek niet transparant, slecht controleerbaar en dus niet passend in een normaal parlementair systeem. D66’ers blijken niet eens te weten wat trilogen zijn.
Je kunt bij alles roepen dat Europa meer bevoegdheden moet krijgen, maar bij het belangrijkste politieke thema van nu – asielzoekers – heeft de EU die al. Gaat dat wel goed? Gerbrandy heeft het er geen seconde over. Als je praat met leden, hebben ze de neiging alle bezwaren vakkundig weg te redeneren. Je denkt toch al snel: natuurlijk zijn de demonstranten in Loosdrecht opgehitst, maar D66 is weer het andere uiterste. Al deze aanwezigen wonen zelf niet naast een asielzoekerscentrum. Wat dat betreft praten ze in abstracties.
Het zijn maar twee voorbeelden waarbij kritiek op D66 broodnodig is, maar dan hebben we wel een veilige politieke ruimte nodig. Anders komen we niet meer aan normaal debat toe.
Beeld: Europa-quiz bij D66. Foto: Chris Aalberts.
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.