Torenhoge bouwambities bij D66, maar of het veel verschil maakt?

De woningnood is een groot probleem en iedereen in de hoofdstad kan daarover meepraten. Dit brengt ons vrijdagmiddag naar Arcam, waar de lokale D66-afdeling haar nieuwe woonvisie presenteert. Arcam is een Amsterdams architectuurcentrum en is gehuisvest in een bijzonder lelijk gebouw. Onwillekeurig denk je aan pleidooien van Thierry Baudet om af te rekenen met modernistische architectuur. Gelukkig voor Arcam is een FvD-meerderheid in de Amsterdamse gemeenteraad ondenkbaar.
De D66-kennisgroep over wonen heeft een rapport geschreven hoe de wooncrisis in Amsterdam kan worden aangepakt. Wethouder en lijsttrekker Melanie van der Horst neemt het boekje in ontvangst. Ze is bijzonder blij met het werk dat de kennisgroep heeft verricht, zegt ze. Mensen willen hun dromen najagen, maar dat gaat slecht als je geen huis hebt. Van der Horst praat vervolgens telkens over ‘daklozen’. Het heeft er alle schijn van dat ze ‘woningzoekenden’ bedoelt.
Er moet meer samengewerkt worden, aldus Van der Horst. Het gaat om het samenspel tussen de gemeente en de woningcorporaties, er moeten keuzes worden gemaakt en procedures moeten worden verkort. D66 is ambitieus, wil 9.000 woningen per jaar opleveren en zeventig procent daarvan zou betaalbaar moeten zijn. Een stadsdeelbestuurder vertelt dat dit allemaal bijzonder ambitieus is en dat GroenLinks en PvdA niet eens willen zeggen hoeveel woningen ze gaan bouwen.
De grote vraag is: heeft het zin om D66 te stemmen als je een huis in Amsterdam zoekt? Drie bedenkingen.
1. Geplande bouw
De voormalige minister van financiën Steven van Weyenberg is tegenwoordig wethouder in de hoofdstad en gaat over de woningmarkt. Hij vertelt trots dat er nog nooit zoveel is gebouwd. Dat moet kennelijk op het conto van D66 worden geschreven: Van Weyenberg begint enorme hoeveelheden projecten op te sommen met elk duizenden huizen. Het begint je al snel te duizelen, maar gelukkig vat hij de aantallen aan het einde even samen: er staan 68.000 Amsterdamse woningen in de planning.
Dat getal is tot 2030, vertelt de wethouder enthousiast. Dit is ‘gebaseerd op feiten’ en ‘geen luchtfietserij’, want de besluitvorming over deze projecten is inmiddels afgerond. Ergo: het maakt niet zoveel uit wat je in Amsterdam stemt, want er komen sowieso tienduizenden huizen bij. Je zou hooguit kunnen denken dat D66 voor de periode na 2030 meer huizen wil bouwen dan de concurrenten, maar daar gaat het deze middag verder niet over.
2. Ambtelijke procedures
De ruim dertig aanwezigen luisteren naar drie korte panels met mensen uit de wereld van de woningmarkt. Dit versterkt het beeld dat er weinig te kiezen valt. Een vrouw legt uit dat haar bedrijf een hogeschool heeft omgebouwd naar appartementen. Dit heet in ambtelijk jargon een ‘transformatieproject’. Daar zijn er nogal wat van en dat is hartstikke duurzaam, maar er kleven ook haken en ogen aan, onder meer met erfpacht. Eigenaren denken soms dat dit soort projecten niet renderen. Die indruk is lastig weg te nemen.
Je bent in de planvorming vaak jaren bezig en daar is veel winst te behalen, denkt een panellid. Er zijn ‘integraal gedragen planningen’ nodig en je moet ‘kort cyclisch’ werken. ‘Aan de voorkant moet je niet alles afkaderen’, legt een man uit. Er moeten meer gezamenlijke beslissingen worden genomen. Als projecten beter over het personeelsbestand worden verdeeld, is ook daar veel winst te behalen. We horen de ene na de andere aanwezige roepen dat ‘het wél kan’. Zo ziet D66 het graag.
Er is bij de verkiezingen een heel ander probleem: gewone burgers hebben helemaal geen zicht op dit soort uitvoeringskwesties. Vrijwel alle genoemde oplossingen zijn ambtelijk en spelen geen rol in het stemhokje. Het heeft er alle schijn van dat geen partij erop tegen is betere planningen te maken en meer samen te werken. Je zou kunnen zeggen dat er vooral een competente wethouder nodig is die de uitvoering goed kan regelen. Maar wie dat moet zijn, daar gaan de verkiezingen dan weer niet over.
3. Instroom
Ondertussen dwalen je gedachten af naar de muur van deze zaal, waar een tijdlijn is te zien van de laatste decennia. We zien in chronologische volgorde allemaal bouwprojecten die in deze periode zijn gerealiseerd, van allerlei woontorens tot de Noord/Zuidlijn en een complex bij de VU. Het meest interessante is dat bij elk jaartal staat hoeveel inwoners Amsterdam op dat moment had. We zien dat er zeker het laatste decennium minstens 10.000 mensen per jaar bijkwamen.
Rechts radicale partijen doen altijd net alsof burgers geen huis krijgen omdat vluchtelingen voordringen. Dat is onzin, maar in Amsterdam is er wel een ander probleem. Er komen sowieso elk jaar heel veel mensen bij, mede gestimuleerd door D66, waar men graag ziet dat de stad een magneet is voor internationale bedrijven, studenten en expats. Belangrijk voor de economie, hoor ik een stadsdeelbestuurder zeggen. Probleem: al deze mensen moeten allemaal wonen, drijven de prijzen op en verdringen lage inkomens.
In elk opgeleverd huis gaan gemiddeld minder dan twee mensen wonen, weet een van de aanwezigen. Zo is al snel de helft van de nieuwe woningen nodig voor alleen de bevolkingsgroei. Zo leren we: D66 is misschien de meest ambitieuze partij qua woningbouw, maar ook deze ambities zijn nog steeds zwaar onvoldoende.
Beeld: Melanie van der Horst ontvangt de D66-woonvisie. Foto: Chris Aalberts.
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.