In vier jaar tijd is Volt onherkenbaar veranderd

Volt halveerde bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen. Inmiddels is de partij druk aan het evalueren hoe het allemaal zo is gekomen. In de nieuwsbrief van dit weekend lezen we:
‘Ook de evaluaties van de Tweede Kamerverkiezingen zijn in volle gang en leveren waardevolle inzichten op over wat goed ging en wat beter kan. In open en eerlijke gesprekken horen we ervaringen en ideeën vanuit de hele beweging: van onze leden tot de community’s en de gekozen vertegenwoordigers. Deze gesprekken helpen ons stil te staan bij de lessen die we meenemen bij de komende verkiezingen en daarna. Volt is gebouwd op de kracht van haar leden en community’s; jullie vormen ons fundament. Daarom zijn jullie perspectieven onmisbaar in dit proces.’
Het probleem laat zich enigszins raden: als je aan de ‘community’s’ gaat vragen wat er mis is gegaan, luister je naar de leden. Dat zijn er ruim 16.000 en het is nog een groeiende groep ook. Ondertussen daalt het aantal kiezers. Is het dan logisch ‘open en eerlijke gesprekken’ te voeren met de mensen die lid zijn? Zou het niet waardevoller zijn je oor buiten de partij te luister te leggen? Daar zitten immers de mensen die als stemmer zijn weggelopen. Welke verklaring geven zij?
Zomaar een suggestie van een buitenstaander die nooit Volt stemde.
Een middenpartij
Kiezers kijken naar de politieke inhoud, maar ze lezen verkiezingsprogramma’s niet. We moeten kijken naar de grote lijnen die Volt communiceert, niet naar wat er allemaal in de vele beleidsdocumenten staat. Dat zijn er sowieso veel te veel. In 2021 – toen Volt drie zetels haalde – presenteerde men zich als middenpartij. Volt werd de jongerenorganisatie van D66 genoemd. Daar was ook aanleiding voor: een liberale partij met veel jonge leden die standpunten van links en rechts combineerde en uitgesproken pro-Europees was.
Die Europese koers was de belangrijkste aanwijzing waar Volt voor stond: het politieke midden. De EU staat immers voor de interne markt en internationale handel. Men doet geen poging het kapitalisme een kopje kleiner te maken, maar probeert wel allerlei nadelen ervan weg te nemen of te verzachten. Meest in het oog springend: mensenrechten en duurzaamheid. Voeg daar het Volt-idee voor kernenergie aan toe, en je zag dat Volt een middenpartij was met een open mind. Frisse club.
Vier jaar later ziet de partij er heel anders uit. De EU is nog maar één van de thema’s. Volt praat continu over Gaza, het klimaat, een basisinkomen en Tata Steel. Er is een enorme omslag zichtbaar: er zijn alleen nog maar linkse thema’s over die allemaal al worden opgepakt door met name de Partij voor de Dieren, maar ook door partijen als GroenLinks-PvdA, SP en Denk. Andere partijen imiteren mag natuurlijk, maar het is een veel linksere koers dan waar Volt vier jaar geleden mee doorbrak.
Leden consulteren
Dit gaat verder dan Laurens Dassen die continu met klimaatmarsen en Rode Lijn-demonstraties meeloopt. Je ziet het ook subtieler: in 2022 was bijvoorbeeld Itay Garmy de nummer twee in Amsterdam. Hij draagt Israël een warm hart toe. Dat is weer eens wat anders dan de hele dag voor Gaza demonstreren. Inmiddels is er een nieuwe nummer twee: raamexploitant Pim van Burk. Hij illustreert dat Volt sekswerk heel gewoon werk vindt. Prima natuurlijk, maar is dat nou een standpunt wat in de etalage hoort te liggen?
Zouden Volt-leden zich bewust zijn van deze enorme ommezwaai? Dit zijn de mensen die onlangs op het Volt-congres in Frankfurt luisterden naar Europees voorzitter Francesca Romana D’Antuono, die op zijn minst suggereerde dat dichte Europese grenzen tegen de mensenrechten zijn en dat illegaliteit helemaal niet hoort te bestaan. Hard applaus, dus kennelijk volop steun onder de leden, maar je kunt er in de verste verte geen middenpartij meer van maken, een uiterst linkse wel.
Nu mogen die applaudisserende leden vertellen wat er bij de Tweede Kamerverkiezingen is misgegaan. Het antwoord is: in een paar jaar tijd is Volt van het politieke midden verhuisd naar uiterst links en daar zitten helemaal geen kiezers. De kiezers die er zijn, hebben ruime keus tussen Volt, de Partij voor de Dieren, SP, Denk en GroenLinks-PvdA. Die oude middenkoers uit 2021 was een stuk onderscheidender, breder en aantrekkelijker dan de huidige, maar ga dat maar eens aan de betweters van Volt uitleggen.
Beeld: cover verkiezingsprogramma Volt 2025 (bewerkt).
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.