Volt Amsterdam is D66 zonder ervaring

De Tweede Kamerverkiezingen zijn alweer bijna vergeten. Overal in het land zijn partijen bezig kandidatenlijsten en verkiezingsprogramma’s op te stellen voor de gemeenteraadsverkiezingen van maart. Bij Volt levert dat een gekke tegenstelling op: aan de ene kant is de partij in de Tweede Kamer gehalveerd, aan de andere kant wil men in de gemeenten enorm groeien. In 2022 deed Volt in tien gemeenten mee, komend jaar is dat aantal minstens verdrievoudigd. Zouden daar kiezers voor zijn?
De Amsterdamse afdeling blaakt van zelfvertrouwen, deze donderdagavond in Café Belcampo, waar de kandidaten zich mogen voorstellen aan de leden. De afdeling is de grootste van het land én daarmee van heel Europa: deze heeft zo’n 3.000 leden. Lijsttrekker en zittend raadslid Juliet Broersen vertelt trots dat de kandidatenlijst twee keer zo lang is als vier jaar geleden: 32 mensen. Volt doet dit keer bovendien mee in vier van de acht stadsdelen, waar de partij die de vorige keer nog aan zich voorbij liet gaan.
Hier dromen meerdere leden van vijf Amsterdamse Volt-raadsleden, tegen twee nu. Broersen is bij navraag wat voorzichtiger: ze hoopt dat het er in ieder geval twee blijven. Verstandig, want Amsterdam mag dan een grote afdeling hebben, dat levert niet per se veel stemmers op. Bij de Tweede Kamer bleek al: verkiezingen gaan ook over macht, en die heeft Volt niet. In de hoofdstad zijn de belangrijkste concurrenten – D66, GroenLinks en PvdA – wat dat betreft een stuk aantrekkelijker.
Geen ervaring
Aan de strategie wordt nog gewerkt, vertelt de ‘campagne co-lead’ van Amsterdam. We horen dat de landelijke leus ‘Doe iets nieuws’ de prullenbak in gaat. Vreemd, want dat is precies wat Volt in de aanbieding heeft. Voor ervaring hoef je niet op de partij te stemmen. Een van de twee raadsleden – Itay Garmy – stopt ermee, onder meer vanwege aanhoudende bedreigingen. Hij is wel lijstduwer. Op de kandidatenlijst komen we verder geen politieke ervaring tegen, al staat er laag op de lijst wel een CDA-raadslid van jaren terug.
De kandidatenlijst van Volt is een duiventil. Van de kandidatenlijst uit 2022 staan alleen Broersen, Garmy en de nummer drie nog op de nieuwe lijst, maar behalve Broersen allemaal onverkiesbaar. Zij verklaart de vernieuwing door het feit dat Volt een jonge partij is, dat veel mensen in de tussentijd alweer zijn verhuisd en dus sowieso niet op de lijst terug konden komen. Of de namen van toen inmiddels in andere gemeenten actief zijn geworden is onbekend. Het Amsterdamse gevolg is duidelijk: vrijwel alleen nieuwe namen.
Dat raadsleden pas in hun tweede periode echt effectief worden omdat ze dan alle procedures en trucjes kennen, daar heeft men het bij Volt liever niet over. De kandidaten moeten het vooral hebben van hun ideeën. Originaliteit is daarbij een opvallend zwak punt: we horen talloze keren over geopolitieke uitdagingen, gelijke kansen, het belang van goed onderwijs, duurzaamheid en burgerparticipatie. Slechts een enkeling suggereert een ‘innovatieve gedurfde oplossing’ zoals ‘een drijvende studentencampus op het IJ’.
Volksvertegenwoordigers
Het probleem van deze kandidaten laat zich raden: ze zijn allemaal welwillend en idealistisch, maar missen ervaring en hebben bovendien geen echte achterban. Ze geven geen blijk van volksvertegenwoordigende capaciteiten: kennen zij de problemen van Amsterdammers die ze in de gemeenteraad aan de orde gaan stellen? Het antwoord lijkt nee: ze praten graag over abstracte principes – ‘gelijke kansen!’ – en melden dat ze zelf ook allerlei ervaringen hebben uit hun jeugd of op de woningmarkt. Een magere basis.
Mocht u twijfelen: maken de Volt-kandidaten zich kwaad over de democratische crisis in Amsterdam, waar al heel lang een groot deel van de stad niet gaat stemmen? Er is af en toe een opmerking over, maar geen enkele kandidaat heeft een plan. Volt gaat meedoen in stadsdelen, maar alleen in de rijke: Centrum, Oost, West en Zuid. De plekken waar de lage inkomens wonen – Noord, Nieuw-West en Zuidoost – worden angstvallig gemeden, een veeg teken dat Volt niet eens de wil heeft de mensen daar te vertegenwoordigen.
Onwillekeurig moet je denken aan die andere avond in Amsterdam, drie weken geleden, toen D66 op een soortgelijke manier de kandidaten voor de gemeenteraad presenteerde. Ook daar: een duiventil van mensen die in en uit vliegen, veel hoogdravende principes, kandidaten waarvan niet duidelijk is of ze geschikt zijn als volksvertegenwoordiger en vooral: heel weinig voeling met grote delen van de stad. Volt is er vrijwel een kopie van, met dat ene kleine verschil: bij D66 bestaat de top van de lijst voor de helft uit ervaren raadsleden, Volt heeft er maar eentje.
Het zou al met al kunnen dat Volt ook in maart toch wat minder aantrekkelijk is dan D66.
Beeld: lijsttrekker Juliet Broersen in Café Belcampo. Foto: Chris Aalberts.
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.