JA21 heeft eindelijk succes, maar dat kan morgen weer voorbij zijn

Nooit gedacht dat het moment zou aanbreken, maar het gaat goed met JA21. Nooit eerder stond de partij er zo goed voor in de peilingen: soms tikt de partij meer dan tien zetels aan. Bij het partijcongres in De Fabrique in Utrecht durft men zelfs over regeringsdeelname te dromen. Zaterdag zijn er vijf partijcongressen – ook CDA, ChristenUnie, NSC en VVD komen bijeen – maar toch zijn alle grote media bij JA21 langsgekomen. Dat was weleens anders.
Dit partijcongres vormt een goed moment om te evalueren hoe het nu met JA21 gaat. Laten we beginnen met het goede nieuws.
Goed nieuws
Het eerste goede nieuws is dat deze partij überhaupt nog bestaat. De schepping van Joost Eerdmans en Annabel Nanninga wilde jarenlang niet echt populair worden en bleef altijd op een handjevol zetels steken. Twee jaar geleden was de partij zelfs op sterven na dood en zo is het eigenlijk ontzettend bijzonder dat JA21 überhaupt nog niet is opgeheven.
Er is meer: JA21 heeft forse interne spanningen overleefd. In de aanloop naar de vorige Tweede Kamerverkiezingen waren er allerlei afsplitsingen, zowel van Tweede Kamerleden, Europarlementariërs als voormalige fractievoorzitters in de Provinciale Staten. Zo’n leegloop is bij nieuwe partijen niet uniek, maar betekent vaak ook een vroegtijdig einde of een sukkelend bestaan, zonder enig zicht op heropleving in de peilingen. JA21 wist de negatieve trend te keren.
Het meest bijzondere is: JA21 is zo volwassen geworden dat de partij inmiddels meerdere gezichten heeft. Waar partijen op de rechterflank meestal een verlengstuk zijn van de leider en dat altijd blijven, heeft JA21 twee leiders en zijn er inmiddels meer bekende gezichten met een eigen profiel: Ingrid Coenradie en Diederik Boomsma. Er is eigenlijk geen enkele partij op deze flank die ooit meerdere gezichten op een verkiezingsposter kon zetten. JA21 lijkt dat wel te gaan doen.
Partijdemocratie
En dan is er nog de partijdemocratie. Partijen als CDA en D66 bepleiten tegenwoordig openlijk een verplichting om een democratische structuur te hebben. Het is duidelijk bedoeld voor de rechterflank: Geert Wilders heeft nooit aan interne democratie gedaan, net als Forum voor Democratie en in mindere mate BBB. JA21 doet nadrukkelijk een poging. Logisch: Eerdmans en Nanninga hebben bij FvD kunnen leren wat er gebeurt als je dit niet goed regelt.
In de zaal vertelt partijvoorzitter Elrie Bakker dat de afgelopen jaren aan de organisatie is gewerkt zodat deze klaar staat als er verkiezingen zijn. Er zijn nu allerlei reglementen en commissies. Meest zichtbaar is dat er amendementen op de agenda staan. Leden willen zowel de kandidatenlijst als het verkiezingsprogramma amenderen. Daar wordt deze middag over gepraat, aldus Bakker, die door een van de aanwezigen ‘een echte manager’ wordt genoemd. Zonder Bakker kennelijk sowieso geen structuur.

Of de cultuur van JA21 al democratisch en transparant is, is twijfelachtig. Bij binnenkomst schudden oude bekenden me de hand en beginnen te praten over de gemeenteraadsverkiezingen van maart. JA21 is nu alleen aanwezig in Amsterdam, maar gaat meedoen in een handjevol andere gemeenten waaronder Leeuwarden en Sittard-Geleen. Democratisch? Geen lid heeft erover meegepraat, maar in Limburg lijkt al bekend wie de lijsttrekker wordt.
Regionale structuren
Nog zoiets. Een aanwezige vertelt dat hij actief is in Zuid-Holland. Vraag: wat doet deze man precies? Zit hij in een regio-bestuur? Nee, want dat soort besturen bestaan helemaal niet. Dat moet allemaal nog geformaliseerd worden, klinkt het op bureaucratische toon. Bij het instellen van de interne democratie is men kennelijk vergeten dat er ook relatief autonome, decentrale structuren nodig zijn, zeker als je een serieuze partij wilt zijn die op meerdere bestuursniveau’s actief is.
Terug naar het congres. Vier amendementen proberen kandidaten hoger op de lijst te zetten. Voormalig lijsttrekker Floor Scherpenzeel uit Groningen zou een hogere plek verdienen, net als de Zuid-Hollandse fractievoorzitter Thom van Vugt, zijn Zeeuwse collega Gert Heijkoop en waterschapsbestuurder Servaas Roos. De onderbouwing is meestal mager: er zouden te veel Rotterdammers op de lijst staan en daarom moet een Groninger omhoog. Maar dan staan die Rotterdammers er natuurlijk nog steeds.
JA21 is misschien democratisch, maar ook klein en dat is al snel incestueus. Er zijn 250 leden. Een Statenlid uit Zuid-Holland bepleit dat zijn eigen fractievoorzitter hoger op de lijst moet en een Zeeuws burgercommissielid doet bij zijn fractievoorzitter hetzelfde. Veel van deze kandidaten zouden volgens de leden naar plek negen moeten: daar staat de eerste nieuweling die niet behoort tot de alom bekende partijtop. Zo zie je: de leden tarten de leiding niet.
Een kartel
Het zijn allemaal bewijzen dat JA21 in de praktijk nog steeds een kartel is. Na de bekende top drie van de lijst komen allemaal vertrouwelingen: oud-Europarlementariër Michiel Hoogeveen (4), Leefbaar-fractievoorzitter Simon Ceulemans (5), NSC-overstapper Diederik Boomsma (6) en de Statenleden Daniël van den Berg (7) en Maarten Goudzwaard (8). Hoogeveen, Ceulemans en Goudzwaard zijn werkzaam (geweest) bij de Tweede Kamerfractie. Van den Berg werkte intensief samen met Nanninga.
Bakker verzekert de leden dat bij de lijst met alle factoren rekening is gehouden. Er is ook beslist niet gekeken naar geslacht, kleur en of iemand uit de queer-gemeenschap komt. Hard applaus, maar het hoogstgeplaatste nieuwe gezicht – Ranjith Clemminck-Croci (9) – is heel toevallig ook de enige gekleurde man én komt uit de queer-gemeenschap. Tja.
De leden stemmen alle wijzigingsvoorstellen weg. Ondertussen kraait er geen haan naar de ongeveer vijftien twintigers die een behoorlijk deel van de lijst vullen. Bakker legt omstandig uit dat dat heel logisch is. Het levert een ondoorgrondelijke redenering op, namelijk dat kandidaten zonder achterban, netwerk en politieke of maatschappelijke ervaring geschikter zijn dan mensen die dat allemaal wel hebben. Niemand haalt het in zijn hoofd er een vraag over te stellen.

Dan volgen de amendementen. Vijf keer mag de indiener het voorstel toelichten, geeft het partijbestuur een reactie en volgt een stemming. Het idee ontbreekt dat er discussie kan zijn, dat ook andere leden argumenten kunnen hebben en dat onderlinge reacties het gesprek kunnen verrijken en verdiepen. De leden stemmen steeds conform het bestuursadvies. Zo blijkt maar weer: uiterst rechts wil meestal geen partijdemocratie, maar die blijkt helemaal niet zo eng als het lijkt.
Een a-typische partij
Dus wat moet je zeggen over JA21? Deze partij is in heel veel opzichten a-typisch, met name vanwege het streven naar een democratische structuur. Dat laatste is intern overduidelijk nog geen traditie: partijleden promoten directe collega’s voor een betere plek op de lijst, zonder erbij te zeggen dat ze intensief met die persoon samenwerken. Bij de amendementen horen we een lobbyist van een loterij-organisatie ander beleid op het gebied van kansspelen bepleiten. Hij vindt het zelf nog logisch ook. Huh?
Je vraagt je vooral af: hoe bestendig is dit allemaal? Eerdmans waarschuwt in zijn speech voor te veel euforie over de peilingen: er zijn nog meerdere weken te gaan. Als je mensen wilt motiveren mee te werken moet je zelf het goede voorbeeld geven. Eerdmans praat zelf maar een paar minuten. Als de politiek leider geen tijd inruimt voor een inspirerende speech, zijn leden dan bereid om in weer en wind de JA21-boodschap te verkondigen in haveloze steden als Purmerend en Spijkenisse?
JA21 mobiliseert de leden ook al niet voor de gemeenteraadsverkiezingen. De term valt deze zaterdag niet eens. Dan zie je opeens een patroon: sommige leden zitten ook bij lokale partijen en geven die voorrang. Meest pregnante voorbeeld is afsplitspartij UtrechtNu van twee ex-Statenleden van JA21, plus wat PVV’ers. Er lopen dit congres zeker drie mensen rond die bij UtrechtNu betrokken zijn. Dat kan, maar het wekt de suggestie dat men op meerdere paarden wedt en niet vol overgave voor Eerdmans en Nanninga gaat.
Echte gelovigen
Misschien is het allemaal betrekkelijk simpel: het is gewoon heel moeilijk om echt in JA21 te geloven: de rommelige totstandkoming, de afsplitsingen, het gebrek aan succes, de halfslachtige partijdemocratie en natuurlijk Joost Eerdmans. Wie gelooft er nou echt in deze partij? Het antwoord is: Daniël van den Berg, fractievoorzitter in Noord-Holland en nummer zeven op de kandidatenlijst. Hij gelooft er al vanaf de eerste dag in en draagt dat uit aan iedereen die het horen wil. Het valt vooral op omdat hij de enige is.
JA21 is een soort D66, maar dan op uiterst rechts. Voor velen een soort tweede keus die – afhankelijk van je politieke standpunten – wel sympathiek kan zijn, maar tegelijk niet een club is waar mensen echt voor gaan. JA21 moet het vooral hebben van een tegenvallende PVV en een VVD in crisis. Mensen sluiten zich om pragmatische, tijdsgebonden redenen aan, niet uit volle overtuiging. Zo is het succes op voorhand onzeker en instabiel. Wat zal er gebeuren als er straks ‘geen positieve flow’ meer is?
De vraag stellen is hem beantwoorden.
Beeld: JA21-donuts, JA21-publiek, JA21-partijcongres. Foto’s: Chris Aalberts.
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.