Partijen van niks (5): In het netwerk van de politiek leider heb je een streepje voor

Dit is het vijfde deel van een serie over nieuwe partijen. Lees de hele serie hier.
Allemaal oude bekenden, dat is de samenvatting van de gemiddelde kandidatenlijst van de PVV. Voor de Tweede Kamerverkiezingen staan er twee nieuwe namen in de top vijf die nooit voor de PVV actief waren. Het zijn uitzonderingen: vrijwel alle andere kandidaten zijn al verkozen Kamerleden, Europarlementariërs, voormalige bewindspersonen, Statenleden en raadsleden. Dit is bij de PVV eigenlijk altijd zo: in 2023 was de aanwas van mensen van buiten de PVV eveneens nihil.
Door de overwinning van de PVV kwam in 2023 bijna iedereen die kandidaat was ook echt in de blauwe bankjes terecht. Dat leverde vreemde taferelen op. Zo werd Martine van der Velde Kamerlid, een weinig tot de verbeelding sprekend Statenlid uit Utrecht, wiens fractie uit elkaar viel en die haar zetel in Utrecht niet kon verlaten omdat de PVV deze dan kwijt zou raken aan een afsplitser. Een ander was Eric Esser, een onzichtbaar commissielid uit de gemeente Den Bosch. Niet goed genoeg als raadslid, wel als Kamerlid?
Andere nieuwe partijen maken het minder bont: ze doen hetzelfde: ze rekruteren uit bestaand netwerk. Bij FvD komen er nauwelijks buitenstaanders op de kandidatenlijst die nog geen functie hadden, Wybren van Haga rekruteert vooral uit zijn netwerk van afvallers van de PVV, VVD en FvD en Pieter Omtzigt keek naar zijn netwerk bij het CDA en mensen die hij kende van de toeslagenaffaire. Om bij een nieuwe partij op de kandidatenlijst te komen moet je in de regel de politiek leider kennen.
Geen vereniging
Het traditionele beeld van een politieke partij is dat de leden kunnen solliciteren voor de kandidatenlijst, dat er een transparante procedure is hoe de lijst wordt gemaakt en welke criteria daarbij worden gehanteerd. Vervolgens krijgen de leden de kans de lijst te evalueren en eventueel te amenderen. Zo komen goede mensen op de juiste functies terecht en kunnen leden kiezen voor of tegen bepaalde kandidaten. Het proces is zo eerlijk mogelijk.
Bij de PVV bestaat zo’n procedure niet en dus is het letterlijk de vraag of Wilders je geschikt vindt. Er is geen profiel waar kandidaten aan moeten voldoen, anders dan dat Wilders je wil hebben. Het gebrek aan leden maakt dat Wilders sowieso weinig anders kan doen dan bekenden kandideren. Er is immers geen talentenprogramma waar nieuwe gezichten kunnen worden gescout. Wilders komt altijd uit bij dezelfde namen. Als je eenmaal Kamerlid bent, kun je vaak lang blijven.
De PVV is niet uniek. Nieuwe partijen hebben vaak haast: ze zijn een paar maanden voor de verkiezingen opgericht en hebben op korte termijn kandidaten nodig. Met een klein aantal leden, of helemaal geen, is er geen database van mensen die gevraagd kunnen worden. NSC is een voorbeeld: enkele maanden na de oprichting waren er al Tweede Kamerverkiezingen. De oplossing was mensen te laten solliciteren. Het leverde duizenden sollicitanten op. Een onmogelijke opgave daar een goede selectie uit te maken.
Bestaand netwerk
NSC viel dus al snel terug op wat Wilders ook doet: bestaand netwerk, zoals CDA’ers waarmee Omtzigt in het verleden had gewerkt zoals Nicolien van Vroonhoven. De affiliatie met het CDA was een overduidelijk bewijs dat iemand bij NSC paste en geen risico vormde: voormalig Kamerlid Wytske Postma bijvoorbeeld, of raadslid Diederik Boomsma uit Amsterdam. Zo ontstond vooral een kandidatenlijst die heel veilig was. Bij JA21 deed men hetzelfde met spijtoptanten van FvD.
Bij nieuwe partijen is er geen partijgeschiedenis en er zijn ook geen beginselen, dus alle keuzes zijn vooral gebaseerd op onderling vertrouwen. Persoonlijke bekenden zijn het meest betrouwbaar, omdat men er eerder mee heeft gewerkt. Dit lijkt een beetje op hoe traditionele partijen dit aanpakken: kandidaten zijn al een tijdje actief waardoor de kandidatencommissie weet welk vlees men in de kuip heeft. Er is ook een verschil: leden mogen zich er dan nog over uitspreken en oudgedienden concurreren met nieuwelingen.
Het grote publiek kan bij nieuwe partijen nieuwe gezichten tegenkomen, maar dat is vooral geredeneerd vanuit de buitenwereld. Vanuit de partij zelf bezien gaat het juist om bekenden. Er moet sprake zijn van bewezen loyaliteit aan een bepaalde koers, bepaalde ideeën of de leider. Men moet goed liggen bij de leiding om op de kandidatenlijst te komen, in een poging ruzie en conflict te voorkomen. Buitenstaanders zijn vooral een risico, omdat men ze niet door en door kent.
Stralende leider
Een traditionele partij vindt onervaren kandidaten een risico, omdat ze het politieke bedrijf niet goed kennen. Een nieuwe partij vindt dat niet altijd: onervarenheid is zelfs een voordeel, want het leidt ertoe dat het werk eerst geleerd moet worden en dat de leider dus goed blijft afsteken bij de rest. Niet de kwaliteit van het werk is het belangrijkst, maar dat kandidaten de leider niet overvleugelen zodat deze kan blijven stralen. Opeens begrijp je waarom Martine van der Velde en Eric Esser PVV-Kamerlid zijn.
Bij NSC is het niet per definitie anders. Eddy van Hijum is al ontzettend lang in de politiek actief, maar viel nooit op bij het grote publiek. Zijn voorbeeld laat zien dat ervaren mensen welkom zijn bij nieuwe partijen, zolang ze loyaal zijn en de politiek leider niet voor de voeten lopen. Dat is ideaal: dan heeft de leider personeel waarop hij kan vertrouwen, die goed werk leveren en die hem publicitair niet hinderen. Dat laatste is vrijwel altijd de eerste zorg.
Bij kandidatenlijsten kijken media vooral naar de top vijf, maar het is logischer om naar het geheel te kijken. Wat is de band van de kandidaten met de politiek leider? Hebben ze al eens met hem of haar gewerkt, zijn ze bekenden van elkaar? Zijn er ook mensen die niet uit de coterie van de leider komen? Zo nee, dan weet je dat er waarschijnlijk niet op kwaliteit is geselecteerd, maar op loyaliteit. Dat biedt de beste garantie dat er op korte termijn geen problemen ontstaan. Op langere termijn? Die is van later zorg.
Partijen van niks is een zevendelige serie. Lees aflevering 6 hier.
Beeld: Geert Wilders in de Tweede Kamer. Still van YouTube.
Waardeer dit artikel!
Als je dit artikel waardeert en je waardering wilt laten blijken met een kleine bijdrage: dat kan!
Zo help je onafhankelijke journalistiek in stand houden.